Samen Lezen met kankerpatiënten

20 studenten geneeskunde en gezondheidswetenschappen van de UGent volgden in hun lesvrije week de opleiding tot leesbegeleider. Ze zullen vanaf maart tien keer samenlezen met hun vaste leespartner, een kankerpatiënt.

“Deze samenwerking met de universiteit van Gent is gegroeid vanuit de taalgevoeligheid van een aantal professoren”, zegt psychiater Jan Raes van Het Lezerscollectief. “Zij zien de waarde van een goed verhaal en begrijpen de kracht van dat samen te lezen. In een ziekenhuisopname zitten veel lege momenten. Alles wat die leegte zinvol opvult, is interessant. De patiënten hebben ook lastige en pijnlijke dingen te verdragen. Samen Lezen is hier dus ook een vorm van psycho-medische zorg.”

Meer dan 60 kandidaten

In november kregen de studenten geneeskunde en gezondheidswetenschappen (logopedie, farmacie, kinesitherapie) een lezing van Jane Davis van The Reader aangeboden. The Reader is de Britse inspiratiebron van Het Lezerscollectief. De aula zat afgeladen vol met 415 geïnteresseerden. 62 van hen schreven nadien een motivatiebrief en stelden zich zo kandidaat om de opleiding te volgen. Daaruit werden 20 geëngageerde geluksvogels geselecteerd.

“Hier worden we betere hulpverleners van.’

Dr. Raes: “De situatie en de setting van het Samen Lezen zijn hier uniek. Omdat het gaat over mensen die mentaal en fysiek zwaar beproefd worden door hun ziekte. En omdat de leesbegeleiders zorgverleners-in-spe zijn. Ze zullen 8 à 10 keer in een 1 op 1 situatie lezen met hun leespartner. In die sessies van een half uur bouwen ze een relatie op met de patiënt zonder dat het over het medische gaat, zonder slechtnieuwsgesprekken of onderzoeken. Daardoor geven ze de boodschap: je bent meer dan je ziekte alleen.”

Onderzoek naar de effecten

De universiteit doet ook onderzoek naar de effecten van het Samen Lezen. Op de student en op de patiënt. “Dat maakt het echt interessant. Ik vermoed dat de uitkomst zeer fijn zal zijn”, stelt dr. Raes. De kwaliteiten van de studenten spelen daarin mee en ik voel het enthousiasme bij professoren, verplegende teams, hoofdverplegers…” 

De stille hoop is dat de 20 leesbegeleiders hierdoor betere, menselijkere hulpverleners worden in een ‘geneeskunde’ wereld die stilaan overgenomen wordt door artificiële intelligentie. De UGent erkent het toenemende belang van soft skills en gaat ermee aan de slag. Daarin zijn ze echt een voortrekker.” Professor Tessa Kerre sluit hierop aan: “De toekomst van de geneeskunde zal er helemaal anders uitzien, veel technische actes en een groot deel van de medische kennis zal hoogstwaarschijnlijk worden overgenomen door machines, robots, computers. Maar een arts die aan het bed van zijn/haar patiënt zit, die zal nooit door een robot kunnen worden vervangen.”

Jana Barbieur (22) – eerste master Geneeskunde
“Het leek me interessant om uit de rol van wetenschappelijke hulpverlener te stappen en op een meer menselijke manier met elkaar om te gaan. Nu wordt een patiënt soms geminimaliseerd tot zijn aandoening. Tijdens het Samen Lezen kan je over normale zaken spreken.Als twee gewone mensen. Dat ‘even vergeten’ kan de patiënt veel vooruithelpen. Dat de effecten van Samen Lezen ook al bewezen zijn, trekt me als wetenschapper extra over de streep om dit te doen.”

Elke Platteau (21) – tweede bachelor Geneeskunde
“Door te lezen heb ik mezelf leren begrijpen en relativeren. Daar komt mijn motivatie om dit te doen voor een stuk vandaan. Ik heb al een bachelor kine. Tijdens de stages in ziekenhuizen zag ik hoe het menselijke aspect soms verdwijnt eens de ziekte op de voorgrond treedt. Het lijkt me mooi om dan als mens stil te staan bij de persoon achter de ziekte en hem of haar te laten ontsnappen via een verhaal. Bovendien focust het ingangsexamen van geneeskunde erg op de wetenschap.Je hebt geen voeling met mensen nodig om erdoor te geraken. Dat maakt me bang. Als er dan zo’n project aangeboden wordt, dan duidt dat er toch op dat de opleiding stilaan verandert. We moeten meer kunnen dan ziektebeelden herkennen en een therapie voorstellen. Communicatie wordt een belangrijk vak. Gelukkig.”

Samuel Van Cleemput (19) – derde bachelor Geneeskunde
“Ik heb een grote interesse voor de psychiatrie. In de literatuur worden grote en kleine levensvragen vaak mooi geformuleerd. Misschien vinden patiënten er een antwoord in. Soms kan lezen over pijn de ervaring van pijn veranderen. Zulke dingen boeien me en daarom heeft dit Samen Lezen zijn plaats in het geneeskundig landschap. Ik ben er bovendien van overtuigd dat de arts van de toekomst meer op het menselijke vlak het verschil zal maken, minder op het technische.”  

Brecht Valcke (21) – eerste master Geneeskunde
“Mijn nonkel kreeg vorig jaar de diagnose van ALS. Nauwelijks een half jaar later is hij overleden. We merkten dat kleine rituelen dan heel belangrijk worden. Samen Lezen kan ook zo’n ritueel worden. We zullen volledig van onze rol als geneeskundestudent moeten loskomen en niet in de hulpverlenersval mogen trappen. Dat lijkt me de grootste uitdaging. Daarom zullen we de persoon met wie we lezen ook niet patiëntnoemen, maar leespartner.”

Janah Depauw (22) – tweede bachelor revalidatiewetenschappen
“Door mijn vorige opleiding tot bachelor in de taal-en letterkunde ben ik deels op de hoogte van wat literatuur bij een mens teweeg kan brengen. Ik vind het prachtig om mensen die het niet gemakkelijk hebben bij te staan. Zelf heb ik als vakantiejob in een bejaardentehuis ook af en toe bij een dame teksten voorgelezen en de dankbaarheid die ik daarbij voelde, is alleszeggend. “

Tekst: Veerle Vanbuel

Samen Lezen doe je niet alleen

Mensen samen brengen rond grote literatuur doet iets met hen. Het lezen van goede verhalen maakt hen niet alleen sterker, maar leert hen ook hoe ze anders naar de dingen kunnen kijken. Bljzonder jammer dus dat niet iedereen er toegang toe heeft! Of toch?

Het verhaal van Dr. Jane Davis

Op een dag, ergens in 2001, is Jane Davis op weg naar haar werk aan de universiteit in Liverpool. In een wat achtergestelde buurt staat ze aan te schuiven voor het rode licht. Ze ziet een tafereeltje van een peuter met mama en oma. Het roept een versregel van de bekende dichter Wordsworth bij haar op. En plots realiseert ze zich dat noch dit kind, noch mama of oma, waarschijnlijk nooit de kans zullen krijgen om een poëzievers tot leven te zien komen. Het stemt haar treurig. Jane Davis groeide zelf op ineen gebroken gezin waar ruzie en alcohol de scepter zwaaiden. AIs kind probeerde Jane hieraan te ontsnappen door zich in de plaatselijke bibliotheek te verschansen. Boeken werden haar vrienden. Zij openden voor haar een andere wereld en de verhalen hielpen haar te begrijpen wat er met haar gebeurde. Zo belandde ze toch nog aan de universiteit om er Engelse literatuur te studeren.

Het tafereeltje bij het stoplicht in Liverpool triggert haar om iets heel concreets te ondernemen om grote literatuur ook tot bij ‘kleine’ mensen te brengen. Zij beseft dat de kracht van literatuur, precies zoals ze dit zelf heeft ervaren, ook voor anderen heel wat kan betekenen. Goede verhalen kunnen helpen om het leven te begrijpen, sterker te worden, beslissingen te nemen, verbinding te maken met anderen en hun omgeving.

Samen lezen

“Jane Davis ontwikkelde een methode waarin hetsamen lezen centraal staat”, vertelt Dirk Terryn. Hij is oprichter-bestuurder van het Lezerscollectief in Vlaanderen. 

“Het Lezerscollectief in Vlaanderen is geïnspireerd door The Reader Organisation van Jane Davis. In Engeland begeleidt The Reader Organisation inmiddels meer dan vierhonderd leesgroepen. Deze zijn te vinden in verzorgingshuizen, gevangenissen, psychiatrische instellingen, buurthuizen, bibliotheken en bedrijven.”

“Sinds 2014 zijn wij ook in Vlaanderen gestart met leesgroepen naar het model van Jane Davis. Ook bij ons zijn er heel wat mensen die nooit in aanraking komen met boeken. Mensen die het moeilijk hebben, maar niet hoog geschoold zijn, of over geen geld beschikken voor een universitaire opleiding. Jane Davis begreep dat deze mensen zelden een stap over de drempel van de plaatselijke bibliotheek zetten. Zij is letterlijk zelf naar hen toe gestapt, nodigde hen uit voor een kopje thee en wat zoets in
de bibliotheek. In gevangenissen ‘verleidde’ zij de gedetineerden met een bacon sandwich in een wat gezelligere ruimte dan hun besloten cel. Omdat zijzelf ook inkansarmoede is opgegroeid, herkende zij patronen en was haar ‘opstand’ ook erg geloofwaardig.”

“Luidop lezen vertraagt sowieso al het het verhaal. Je leest minder en je leest meer details.’

“Leesgroepen worden samengebracht op een gezellige plek. Anders dan in traditionele leesgroepen waar de deelnemers vooraf het boek hebben gelezen – wordt bij het Samen Lezen de tekst op het moment zelf luidop voorgelezen en besproken. Het gaat hier niet om een literaire analyse van de tekst, maar om de beleving en de manier waarop de deelnemers hun leven ervaren. Subsidie van de overheid of een sponsor maakt het mogelijk om vrijwilligers een opleiding te Iaten volgen en te trainen in de ‘methode Davis’.”

Samen zijn wij slim

“Bedoeling van het Lezerscollectief is om de schat aan wereldliteratuur te ontsluiten voor een breed publiek. Geen enkele schrijver schrijft enkel voor een academisch geschoold publiek. Wij gaan voor een
wereld waarin iedereen toegang heeft tot de literatuur. Ieder verhaal is bijzonder in zijn geIaagdheid. Wat Davis heel goed door had was dat het luidop lezen een verhaal, tekst of gedicht toegankelijker maakt. Je hoeft hiervoor niet persé geletterd te zijn. Luidop lezen vertraagt sowieso al het verhaal. Je leest minder en je leest meer details. Zoals het anders is om door een landschap te wandelen dan te fietsen: je hebt veel meer gezien!”

“Bovendien ontstaat het gevoel van ‘samen zijn wij slim’. Iedereen kan op zijn manier een inbreng doen als hij dat wenst. Zo word ik geholpen door wat jij in de tekst leest en ontdekt en jij omgekeerd door mij. De leesbegeleider is erop getraind om uit te nodigen tot uitwisseling van gedachten, zonder druk uit te oefenen. Niets is juist of fout. Er is niet één waarheid. Er bestaan evenveel lezingen van de tekst als dat er deelnemers zijn.”

Een tekst, vele lagen

“Leesbegeleiders kiezen zelf de teksten en gedichten waarmee ze aan de slag willen. Iets dat hen goed ligt, maar wel een verhaal dat gelaagd is. Een tekst die enkel maar over rouw of enkel over rechtvaardigheid gaat, Iaat maar één lezing toe. Dat is niet interessant. Veel boeiender is het als een tekst meerdere dingen aanraakt en hierdoor ook door iedereen anders wordt gelezen. Op die manier worden de deelnemers ook een beetje lezers ‘van elkaar’.”

“Een bepaald verhaal kan bij mensen met beginnende dementie het geheugen prikkelen.’

“Het Lezerscollectief stelt ook zelf boeken samen waarin teksten en poëzie gesuggereerd worden. De keuze richt zich niet zozeer tot bepaalde doelgroepen maar de teksten worden vooraf uitgeprobeerd. Er wordt nagegaan of het verhaal het gesprek voldoende ‘opent’ bij de lezers. Maar vooral de gelaagdheid is essentieel.”

“Ervaring kan bijvoorbeeld ook Ieren dat een bepaald verhaal
bij mensen met beginnende dementie het geheugen prikkelt. Een meerwaarde dus om deze teksten of gedichten te gebruiken in leesgroepen in een woonzorgcentrum.”

Veilig in mijn groep

“Leesgroepen tellen nooit meer dan twaalf deelnemers. Wij lezen in een school, een bibliotheek, cultuurcentrum, dokterspraktijk waar iedereen kan deelnemen. Soms zijn de leesgroepen meer gesloten: woonzorgcentra, revalidatiecentra, cgg’s, beschut wonen. Tijdens een leesbijeenkomst worden een kortverhaal en een gedicht luidop gelezen. Een samenkomst creëert gezelligheid, maar het is vooral de tekst die centraal staat. Het verhaal biedt ook structuur en houvast wanneer het gesprek te ver afglijdt of een deelnemer te veel gaat freewheelen.”

“Een tekst biedt ook veiligheid. Soms kan iemand via het verhaal of via een personage uit het verhaal iets verwoorden, waarin hij anders niet slaagt. Sommigen herkennen zichzelf in een bepaalde figuur uit het verhaal of ze herkennen een situatie die ze zelf hebben meegemaakt. Het gesprek geeft hen de ruimte om hierover te ventileren. Tegelijk helpt het om los te laten. ‘De moeder in het voorgelezen verhaal is precies als mijn moeder …. Maar verder in het verhaal blijkt het toch over een heel andere moeder te gaan. En de dochter uit het verhaal pakt het helemaal anders aan dan ikzelf … ‘”

“Samen Lezen laat je toe om verder op iets door te gaan of om het stilletjes te laten passeren. Een ervaren leesbegeleider heeft ook oog voor wie misschien niets zegt omdat hij zich laat overstemmen door de anderen. Samen Lezen leert je ook genuanceerd te kijken: een gebeurtenis in het verhaal kan bij jou heftige reactie teweegbrengen terwijl je buurvrouw rechts er lichtjes overheen gaat.”

“Wij zijn geen therapeuten en leesbegeleiders krijgen geen therapeutische opleiding. Maar het Lezerscollectief organiseert activiteiten die er toe doen. Zo verwoordde een deelneemster het op een keer. Het gaat over essentiële dingen. Het is therapeutisch zoals een goed vriendengesprek dat is of zoals een goed boek of gedicht een therapeutische waarde heeft. Eén van onze medeoprichters is psychiater. Hij erkent dat patiënten soms aangeven méér baat te hebben bij de leesgroep dan bij de groepstherapie. Misschien omdat het minder dwingend is? Dat is de luxe van de leesgroep: het is een vorm van ontmoeten. Er wordt vertrokken vanuit verhalen om … op verhaal te komen. Maar zoals Dirk De Wachter het zegt: leesbegeleiders moeten wel weten waarmee ze bezig zijn. Je moet geen knoeiers afsturen op kwetsbare mensen…!”

Waar er zoal samen wordt gelezen … mèt resultaat

Onderwijs
94 procent van de kinderen leest meer na deelname aan een wekelijkse samenleesgroep. 80 procent van de leerkrachten voelen zich na het volgen van een opleiding samen lezen, beter in staat om hun leerlingen in leesplezier te begeleiden.

Geestelijke Gezondheid
(Psychiatrische instellingen, beschut wonen, CGG’s, TEJO)
83 procent ervaart een positief effect van lezen op het gemoed.

Senioren en dementie
(Woonzorgcentra, dienstencentra)
Verplegend personeel en familie ervaren een gunstig effect in het activeren van het geheugen via verhalen.

Detentie
(Samenleesactiviteiten in de Vlaamse gevangenissen en arresthuizen)
48 procent toont verbetering in sociaal en emotioneel gedrag.

Publicatie in SAMANA Februari 2019
Tekst: Bea De Rouck
Foto’s: Stef Dehantschutter

STUDIUM GENERALE UGENT 21 november 2018: DR. JANE DAVIS OVER HET BELANG VAN LEZEN EN DE EFFECTEN OP GEZONDHEID

Op uitnodiging van Prof. Dr. Piet Hoebeke (decaan) en Prof. Dr. Tessa Kerre werd Jane Davis uitgenodigd en verwelkomd op de Studium Generale van de faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen. 

I founded The Reader because I wanted to make it possible for all kinds of people to enjoy the experiences that great writers had provided for me.

Dr. Jane Davis sprak over het belang van lezen vanuit haar eigen levenservaring. Doorheen haar moeilijke jeugd vond zij toch rust en perspectief in boeken. Dankzij Brian Nellist werd zij nog meer uitgedaagd om te lezen. Mede door hem pikte ze haar studies op en begon later aan de universiteit literatuur te bestuderen. Ze hielden contact, meer nog: hij werd haar mentor.

Doris Lessing, whose novel Shikasta changed my life in 1980, gave me some very good advice. Likewise Bernard Malamud and The Assistant, and George Eliot from whom I still have a lot to learn about the complexities of being human. Dante’s Divine Comedy, read many times over the last thirty years, has, along with the poetry of George Herbert, put structure and light into my interior world while things were burning, collapsing  and  being recreated. I also owe a lot to Wordsworth’s great poem about the human mind, The Prelude. And Milton. Yes – I dare to read Paradise Lost without the critical apparatus…

The Reader bracht nog een grotere wending in haar leven. Jane start het ambitieuze project ‘Reading Revolution’ en sterke verhalen bij alle mensen te brengen. Haar ‘Shared Reading’ slaat aan en tal van leesgroepen volgen. Eén van de deelnemers zegt na afloop aan Jane: ‘Zou je niet naar de National Health Service stappen voor ondersteuning? Sinds ik kom lezen, moet ik minder pillen slikken…’

Jane Davis vertelt gepassioneerd over het Samen Lezen bij gevangenen, bij patiënten met chronische pijn.

Haar echtgenoot Prof. Dr. Phil Davis leidt de onderzoekscel CRILS aan de universiteit van Liverpool. Zij monitoren verschillende leesprojecten bij kwetsbare doelgroepen. Hun rapporten tonen het belang aan om te blijven inzetten op Samen Lezen. Jane Davis toont ons verschillende resultaten van de onderzoeken en wijst op de effecten die deelnemers aan de leesgroepen beschrijven. 

Het is stil in het auditorium: haar woorden zijn doorleefd, haar voorbeelden herkenbaar. 

De warme inleiding van Dr. Tessa Kerre in het begin van de avond en haar enthousiaste oproep om, net als zij, zelf ook tijd te maken voor boeken, blijft nazinderen. Een lezer blijven of worden, heeft na vanavond een argument meer: boeken maken ons meer mens, sterke verhalen helpen ons om op verhaal te komen.

(Dirk Terryn. Meer over dit project volgt in volgende nieuwsbrief. Met dank aan Poëziecentrum en Kurt Defrancq) https://lezerscollectief.be/jane-davis-the-reader-organisation/

FINTRO GAAT IN VERBINDING MET HET LEZERSCOLLECTIEF

Omdat er heel wat raakvlakken zijn tussen de  Fintro-waarden en de persoonlijke band en intimiteit dat een boek met een lezer nastreeft  verbindt Fintro zich ook met het Lezerscollectief. Fintro houdt van boeken en lezen. Want boeken (voor)lezen smeedt banden, met andere mensen en culturen. Literatuur geeft inzicht en wakkert de vlam aan die in elk van ons brandt.

Luc Keppens, CEO van Fintro:
“Samen lezen verbindt mensen.  Verhalen doen mensen opleven en geven energie en zuurstof, dat is sinds mensenheugenis zo, en dat blijft ook in het digitale tijdperk.
Fintro is een bank die aandachtig luistert naar de verhalen van haar klanten, een bank die met gezond verstand en concrete daadkracht dromen ondersteunt en mogelijk helpt maken.
Daarom steunen wij diverse initiatieven rond boeken en lezen, en in het bijzonder de schitterende inclusieve initiatieven van het Lezerscollectief.”

Bij Fintro én bij Het Lezerscollectief zijn we alvast verheugd over deze samenwerking.

Je vindt ons samen op de boekenbeurs op de Fintro-stand. We lichten alvast een tipje van de sluier op 9 en 10 november 15-16.00u.

NIEUW OPLEIDINGSWEEKEND: 8-10 DECEMBER 2017

De inschrijvingen voor ons volgende open opleidingsweekend lopen binnen. Je ervaart op zo’n driedaagse wat samen lezen is (en bij jezelf doet) en verkent de methodiek samen met andere leesbegeleiders. Je ontmoet dus andere deelnemers met een passie voor lezen én een passie voor mensen. Want lezen maakt mensen sterker en samen lezen doet dat op een bijzondere manier.

Omdat we geen opledingscentrum zijn maar een netwerk van leesbegleiders, bekijken we eerst je engagement en de plek waar je gaat samen lezen. Dat is ook belangrijk voor je eigen ervaring: na zo’n opleiding ga je onmiddellijk aan de slag en bekwaam je je door de praktijk. Na drie maanden zie je je opleidingsgroep terug in Affligem voor een intervisie. Je brengt je ervaring mee en werkt aan de punten die nog beter kunnen.

Info over hoe we werken vind je op de website. Stel je vragen via info@lezerscollectief.be

PILOOTPROJECTEN IN ANTWERPSE EN GENTSE SCHOLEN IN SAMENWERKING MET CERA

Samen met SamenLezen Antwerpen, Onderwijscentrum Gent en de coöperatie Cera werken we in 2017- 2018 in tien scholen een samen-leesproject uit. We richten ons daarbij op kinderen en jongeren die niet zo gemakkelijk de weg naar sterke verhalen vinden. Binnen de schoolse tijd of via naschoolse activiteiten maken zij kennis met samen lezen als manier om van verhalen en poëzie te leren houden, aandacht te ervaren voor het eigen verhaal en dat van de ander. Het volgende schooljaar (2018-2019) willen we de kans bieden voor andere steden en gemeenten in Vlaanderen en Brussel om van die ervaring te leren en zelf mee in zee te stappen vanuit één van de hopelijk inspirerende samenwerkingsmodellen…

In de volgende nieuwsbrieven houden we je verder op de hoogte van deze samenwerking.

Woordje van ons

In de oogstmaand naar Watou. Rustend op de woorden van Stijn Vranken. Wat drijft toch de tijd? Waarom is hij nooit mee? Confrontatie met beelden en woorden over eenzaamheid.
De berichten van de leesbegeleiders komen binnen. Ze starten opnieuw met hun leesgroep en kijken uit naar nieuwe ontmoetingen en verhalen. Verschillende van onze lezers ervaren de bijeenkomsten als mooie moment die ertoe doen. Een moment van verbondenheid ook.
Het Lezerscollectief staat voor een boeiend en uitdagend jaar. We maken in het volgend seizoen twee nieuwe boeken. met verhalen en gedichten die nu hun weg al volop zoeken in onze leesgroepen.
We werken verder samen met Wablieft, Iedereen Leest, het Vlaams Fonds voor de Letteren en Boek.be. Onze leesgroepen dragen we niet alleen: partners als De Rode Antraciet, de Centra voor Basiseducatie, de hogeschool Odisee, Vorming Plus, De Wissel.… zorgen voor een betere verankering van wat we samen met onze vrijwilligers en opgeleide werknemers rond samen lezen realiseren.
Dank daarvoor.
En vooral… een mooi leesjaar!

INTERVIEW MET PSYCHIATER KRISTIAAN PLASMANS OVER INTUÏTIE

Donderdagmiddag 4 mei kom ik aan bij de Vereniging Ambulante Geestelijke Gezondheidszorg Antwerpen (VAGGA). Ik heb een afspraak met dr. Kristiaan Plasmans die als psychiater verbonden is aan RC de Keerkring, VAGGA en PZ Bethanië. We ontmoeten elkaar naar aanleiding van het boek ‘De intuïtie van de psychiater’, het afgelopen jaar verschenen boek waarvan hij co-auteur is. Ik vind het een lezenswaardig boek. Het spreekt me aan in het pleidooi om de patiënt met een open blik tegemoet te treden, om naast de ander te gaan staan in een gezamenlijke zoektocht. We praten door over mede-menselijkheid, het buikgevoel en de tussenruimte: een plek van stilte en vertragen. Eerst schetst Plasmans kort zijn persoonlijke achtergrond. Dit als het raamwerk voor het boek. Vervolgens gaat hij in op de hoofdlijnen van het boek. Daarna nemen we wat van mijn vragen door en sluiten we af met een gedicht en een citaat van een andere psychiater.

Plasmans begint met een schets van zijn eigen pad. Dit is namelijk belangrijk als achtergrond voor het boek. Hij is eerst als systeemtherapeut opgeleid in Brugge. In deze studie wordt de nadruk gelegd op familietherapie: het is een sterk contextuele benadering. In dit postmoderne discours wordt niet langer op het zelf gefocust, maar op relaties. Mens en maatschappij worden gezien als sterk verweven. De eigenheid van de mens wordt betwijfeld. Er is sprake van een oplossingsgericht kader met een nadruk op de eigen sterktes en herstelmogelijkheden van de mens.

Vervolgens werkt Plasmans in een meer psychoanalytische setting. Hierbij lag de focus op persoonlijkheidsproblemen, die vaak een oorsprong hebben in de hechting. Ondermeer verwaarlozing en mishandeling vormen vaak een thema in deze problematieken. Hier ervaart hij juist meer nood aan een theorie rond de ontwikkeling van het zelf. Dit vindt hij dan bij de mentalisatietheorie en de belichaamde cognitie: de affectieve neurowetenschappen. Dit gaat in op hoe de mens gebouwd is op rudimentair niveau. Het kernzelf speelt hier een belangrijke rol. Oftewel, hij is zowel gevormd door de contextuele benadering als een benadering met oog voor het zelf.

Tegen deze achtergrond heeft hij aan het boek gewerkt. Hij is voor dit project een twee jaar in Noorwegen met zijn gezin geweest. Hij vertrok met een 100 boeken en keerde terug met een basis manuscript. Terug in België heeft hij het boek afgerond. Het gaat in op een subjecttheorie: een theorie over hoe de mens is opgebouwd of tot wasdom komt. Enerzijds is er sprake van een kernzelf dat automatisch werkt en anderzijds is er het autobiografische zelf, dat grip kan krijgen op het kernzelf. Daarnaast schrijft hij over lichaamsgerichte therapeutische methodieken en over gevoelde betekenis (the felt sense). Hij benadert dit  vanuit de experiëntiële of ervaringsgerichte psychotherapie. Hier is focussen, het gericht luisteren naar deze gevoelde betekenissen, van primair belang en speelt kwetsbaarheid een rol. De structuur van het boek is uiteindelijk wisselend tussen theorie en praktijkvoorbeelden.

Na deze kadering van het boek bespreken we enkele vragen. Ik stel de vraag of we de intuïtie kunnen plaatsen in het dualistische beeld van hoofd-hart, gevoel-verstand, affect-intellect? Plasmans stelt dat deze tegenstellingen weliswaar pogen zaken te verhelderen, terwijl er wat hem betreft steeds sprake is van een interactie tussen beide delen. Hij staat dan ook een meer holistische mensbeeld voor. Wel kunnen mensen zich door bewustwording van bepaalde gevoelens of ervaringen sterker worden.

Vervolgens vraag ik hem of het boek gaat om een gevoeligheid en openheid voor het levensverhaal van ieder mens. Plasmans geeft aan dat dit zonder meer het geval is. Het levensverhaal doet er toe. Voor hem is de verhouding tussen ‘ik’ en ‘de ander’ een belangrijk aanknopingspunt. In therapie kan hier eerst indirect over verteld worden via verhalen. Het beluisteren en benoemen is dan van belang, maar ook evengoed en juist is het stil staan en stil zijn bij het spreken van de patiënt cruciaal. Dit kan weliswaar ongemakkelijk zijn, maar dit vertragen en aanhaken bij het verhaal van de patiënt is wezenlijk. Binnen de narratieve therapie is de kracht van verhalen het uitgangspunt. Het laat toe de mens, als een verhaal, te schrijven en herschrijven. Via verhalen van anderen, en dit kan zelfs gaan over film en literatuur, wordt een nieuw perspectief aangereikt. Soms kan dit leiden tot een levensveranderend inzicht.

Dan laat ik hem het volgende gedicht van Gerrit Achterberg lezen.

Psychiater

 

Leg uw ge-‘weten’ bij mij aan

als thermometer, blijf niet staan

op een verschil van zeven meter

met de normaal.

‘Morgen gaat het beter, beter, beter…’

en laat mij weer naar huis toe gaan

 

Je kunt nog beter henengaan

en haal voor zeven gulden aether;

of doe iets door het middagmaal.

‘En trek je van de zaak niets aan.’

Ik ben misschien allang vergeten,

dat ik nog altijd moet bestaan.

 

Hij ziet inderdaad een tendens in de hulpverlening om eerst labels te plakken en vervolgens een plan hierop te maken. Het evidence-based denken kent ook een opmars in België. Echter, wat hem betreft is aanwezigheid en verbinding van wezenlijk belang. Tegelijk blijft er een verschil tussen psychiater en patiënt. Van de psychiater wordt wel degelijk verwacht en gevraagd dat hij of zij een tegenover biedt. De patiënt wil zijn verhaal vertellen en de zorg van psychiater is om te luisteren, aan te haken en door te vragen.  Binnen het herstelgerichte denken blijven afstand en nabijheid overeind staan, maar het gaat ook om aanwezig zijn en het laten gebeuren in kwetsbaarheid.

Vervolgens vraag ik Plasmans te reageren op een gedicht van de Engelse metafysische dichter John Donne (1572-1631).

Niemand is een eiland

 

 

Niemand is een eiland

Niemand staat alleen

Iedereen maakt deel uit van het vasteland,

Een deel van het geheel.

Als een aardkluit wordt weggespoeld door de zee

wordt Europa minder.

Ook als het een uitsteeksel was

Ook als het een een landhuis van vrienden was

Of van jezelf

Ieder mens’ dood maakt mij minder

Omdat ik betrokken ben op de mensheid

Laat me daarom nooit weten voor wie de kerkklok luidt

Die luidt voor jou.

 

Ik lees hierin het aspect van medemenselijkheid. Wat Plasmans betreft is er inderdaad zoiets als een natuurlijke menselijke verbondenheid. Het menselijk contact dwingt iets af. Hij weet zich hierin geïnspireerd door Levinas’ filosofie van het gelaat. Het gelaat doet een oneindig appel op onze menselijke verantwoordelijkheid. Hierdoor komen we bij de vluchteling terecht. Plasmans spreekt regelmatig vluchtelingen. Het is juist in deze gesprekken dat hij zich het meest machteloos voelt.

 

Ik sluit af met een afbeelding van de Poolse kunstenaar Kaziemierz Cycon (1931-2004). Deze figuur spreek mij sterk aan. Enerzijds lijkt de terugkerende figuur in de werken van de Poolse kunstenaar weg te duiken voor de toeschouwer, en deze tegelijkertijd toch te willen aankijken en te speuren naar zijn of haar reactie: kijken, zonder gezien te worden. In de houding van de figuren sluimert een vage sfeer van schuld en schaamte. Maar anderzijds is ook de tegenovergestelde interpretatie mogelijk: de figuur duikt niet weg, maar recht de rug. Cycons reeks toont een aarzelende dynamiek en pauzeert de figuren op een onbeslist moment en breekbaar interval (bron: museum Dr. Guislain). Plasmans herkent dit drempelmoment in het therapeutisch contact. Zowel de patiënt als de psychiater zijn hierin kwetsbaar. Een authentiek en eigen menselijk handelen is belangrijk.

 

We praten nog wat na, ook over wat er in een gesprek kan gebeuren. Dat je soms dingen zegt, die je niet van plan was. Dat je tot inzicht kunt komen tijdens het praten. Kortom, het is een boeiend gesprek, met stof tot nadenken. Ook binnen de leesinitiatieven is het luisteren en aanhaken van belang. Soms is stilte geboden, maar soms ook doorvragen. Een moedig, authentiek handelen is leidend hierin, en het besef dat je er niet alleen voor staat.

 

Kristiaan Plasmans & Geert Van Asten. De intuïtie van de psychiater. Een pleidooi voor stille signalen in therapie. Lannoo, Tielt, 2016.

 

(Jan Van den Brink)

Doctoraat Reading Suffering van Emy Koopman – een leesverslag

Doctoraat Reading Suffering van Emy Koopman – een leesverslag

Schrijver en onderzoeker Emy Koopman (1985) (wiens debuutroman Orewoet dit jaar op de longlist van de Fintro Literatuurprijs stond), heeft een boeiende doctoraalstudie geschreven. Het gaat over de vraag waarom mensen lezen over het lijden van anderen en welk effect dit op hen heeft. De titel is ‘Reading Suffering[1]’ of ‘Lezen over Lijden’ met als ondertitel: ‘Een empirisch onderzoek naar empathie en reflectie in reactie op literaire verhalen’.

Inhoudelijk

De Griekse filosoof Aristoteles (384-322 vC) schrijft al in zijn Poetica dat het theater zowel angst als medelijden opwekt bij het publiek. Het zou hiermee catharsis bewerkstelligen, ofwel een louterend effect hebben. In het algemeen wordt er geloofd dat literaire werken empathie zou bevorderen en tot reflectie zou leiden. Lezen zou zelfs leiden tot socialer gedrag.

Dit heeft Emy Koopman nader onderzocht. Ze vertrekt vanuit twee wijzen van lijden die regelmatig terugkomen in de hedendaagse literatuur, namelijk depressie en rouw. In de eerste plaats heeft ze gezocht naar de hoofdmotieven van lezers om over lijden te lezen. Ze concludeert dat men over lijden leest omdat men een ‘emotionele en betekenisvolle ervaring’ lijkt na te streven. Verhalen over lijden zijn betekenisvol omdat ze woorden geven aan en inzichten overdragen over ervaringen die lezers weliswaar zelf nog niet hebben gehad en mogelijk nooit zullen hebben, maar die deel uitmaken van wat het betekent om mens te zijn.

Daarnaast heeft ze uitgezocht in welke mate het lezen van narratieve teksten over lijden emotionele reacties tijdens het lezen zelf, reflectie en empathie voor anderen en sociaal gedrag opwekt. Het meevoelen met een personage lijkt ertoe te kunnen leiden dat mensen meer begrip ontwikkelen voor een mensen in een vergelijkbare situatie, en het meevoelen met een personage kan aanzetten tot reflectie. Daarbij leidt het lezen van romans over depressie inderdaad tot een breder begrip voor depressieve mensen, vooral dan wanneer er zowel sterke narratieve als esthetische emoties worden opgewekt. Daarnaast werd helder dat ook als er geen sprake is van identificatie, onverwachte stilistische kenmerken er alsnog voor kunnen zorgen dat lezers gaan invoelen en reflecteren.

Verder gaat Koopman in op in hoeverre persoonlijke ervaringen van de lezer in de tweede vraag een rol spelen. Persoonlijke ervaring, zo blijkt, heeft een effect op sociaal gedrag bij het lezen over depressie, maar niet bij rouw.

Voor ons als lezers

Persoonlijke ervaringen zijn dus van belang, maar ook zonder deze kan literatuur ons raken en empathie bij ons los maken. Literatuur maakt dus zaken in ons mensen los en maakt ons bewust van ons mens-zijn.

Last but not least, Koopman zelf stelt al dat dit onderzoek de suggestie wekt dat we zouden kunnen voorspellen onder welke omstandigheden het lezen van literatuur tot empathische en reflectieve reacties zou leiden. Ze onderstreept echter dat dit nooit te voorspellen is en, vooral, dat we dat nooit zouden moeten willen. Literatuur heeft juist betekenis in haar meerduidigheid en gelaagdheid. Verrassing is het hoofdeffect. Het blijft echter waardevol om te zoeken naar wat de impact van literatuur is. Daarbij valt literatuur niet enkel terug te brengen tot haar sociale nut. Immers, zo besluit ik met haar, literatuur kan juist ook verontrustend en schandalig zijn, een vrijplaats voor onze gedachtes en gevoelens, en het is van het grootste belang dat dit overeind blijft.

Ik denk dat dit ook van belang is voor de leesgroepen. Dit zijn immers juist ook vrijplaatsen waar mensen, onafhankelijk van hun ervaringen kunnen deelnemen, maar waar onze ervaringen betekenisvol zijn en betekenis krijgen.

Reactie Emy Koopman

Ik vraag Emy zelf of ze door haar onderzoek naar literatuur en empathie anders is gaan lezen. Ze vertelt me: “Ik ben door mijn lezersonderzoek naar literatuur en empathie niet anders gaan lezen. Hiervoor had ik (naast een studie Psychologie) al wel de studie Literatuurwetenschap in Utrecht gedaan, inclusief een tweejarige onderzoeksmaster. Dankzij Literatuurwetenschap kan ik technisch kijken naar teksten, maar ik doe dat eerlijk gezegd zelden als ik in mijn vrije tijd een roman lees. Alleen als een tekst mij zeer positief of juist negatief opvalt, probeer ik na te gaan hoe dat komt. Dit ben ik de afgelopen paar jaar meer gaan doen. Dat kwam echter niet door mijn lezersonderzoek, maar doordat ik zelf een roman aan het schrijven was (Orewoet, net als het proefschrift gepubliceerd in september 2016). Hoe verder ik daarmee kwam, hoe vaker ik ook bleef hangen bij zinnen en scenes van andere schrijvers, met name andere debutanten. Een simpele kwestie van vergelijking: hoe doet hij/zij dit, hoe doe ik dat zelf, wat werkt beter? Beide vormen van lezen vind ik waardevol…”

(Jan van den Brink)

[1]   De doctoraalstudie is te vinden op Koopmans website:  https://emykoopman.wordpress.com/phd-project-reading-suffering-literatuur-en-empathie/