SAMENLEZEN IN DE BASISSCHOOL

In mei-juni 2015 nam ik deel aan de opleiding “SamenLezen met kinderen en jongeren”. SamenLezen is niet “zomaar” lezen. Je leest samen in een groepje. De begeleider leest een goedgekozen tekst voor, stopt verschillende keren om over gedachten, indrukken te praten. Er wordt afgesloten met een gedicht dat een verband heeft met het onderwerp van de gelezen tekst. Het mooie is dat je op deze manier trager maar ook diepgaander leest. Je ondervindt ook dat er verschillende leeservaringen of indrukken, meningen zijn. Het is interessant om die (andere) ideeën te delen.

In september 2016 ben ik er op school meteen mee begonnen. Ik startte een leesgroep in het vierde leerjaar en in het vijfde leerjaar. Ik gaf de leerkrachten “leestickets”. Wie zin had om te komen, mocht een ticket vragen en werd zo lid van het leesgroepje.

Ik probeerde van in het begin duidelijk te maken dat dit geen “schoolse” activiteit is: we komen allemaal voor ons plezier. Niemand moet, je kiest zelf, ook voor de enkele regels die erbij horen. De belangrijkste regels zijn dat ze de tekst moeten meevolgen, al lezend of luisterend, en dat er naar elkaar geluisterd wordt.

Ik laat de leesgroepjes over de middag naar mijn lokaal komen. De kinderen komen bij mij na het laatste lesuur van de voormiddag. Ik heb een grote tafel klaar. Een tafelkleed, thee en een koekje maken het wat huiselijker. Nadat ze hun boterhammen opgegeten hebben, gaan we aan de slag. Dan lees ik de tekst, we stoppen een aantal keer, we praten erover. Wie wilt, vertelt wat hem in de tekst raakte, wat hij raar, mooi vond. Ik stel soms ook vragen om het op gang te brengen, en ik vertel zelf ook over wat ik bv. mooi vond. Leesbeleving, leesplezier, daar doe ik het voor.

Ik krijg gemengde groepjes: sommige kinderen lezen zelf al veel, andere bijna nooit. Sommige kinderen zijn erg goed ter taal, anderen zijn dat minder, zijn stiller, maar genieten toch mee. Meestal laten ook zij zich na een paar keer horen, ook al moet dat niet.

Ze vinden het gezellig en houden van het samen lezen, vertellen. Soms slaat een tekst niet echt aan, maar dat vinden ze dan niet erg. Soms zeggen ze wel eens “Hier snap ik niets van!”, maar dan is er meestal iemand die het wél begrijpt en dan uitleg geeft.

Het afsluitend gedicht heeft succes, ze vinden bijna altijd de link met de tekst. Ze ontdekken poëzie en bijna iedereen houdt ervan.

Rond één uur ronden we af, zodat ze tot half twee nog tijd hebben om buiten te spelen.

Hoewel het geen doel op zich is, vragen de meeste kinderen wel naar het boek waar de tekst uitkomt. Ze willen het dan graag snel lezen.

Ik doe dit nu anderhalf jaar op school. Ik vind het zelf ook verrijkend. Ik ben dikwijls aangenaam verrast door hun opmerkingen, hun kijk op dingen. Ik vind het erg fijn als ik merk dat de kinderen die al langer komen, zo vertrouwd zijn met SamenLezen en er erg van genieten. Doordat er veel kinderen willen komen en ik de groepjes niet te groot wil- ik vind acht kinderen genoeg- is er een beurtrol. De groepjes komen vijf keer, dan is het de beurt aan de volgende groepjes enz. tot we weer bij de “begin”groepjes zijn.

Het vraagt van mij een extra inspanning: twee keer over de middag gaat mijn pauze naar het leesgroepje. Er is ook wat voorbereiding voor nodig. Een goede tekst zoeken, waar je zelf binding mee hebt, liefst een tekst die ze nog niet kennen, vergt wat tijd. Ook een passend, goed gedicht zoeken is belangrijk. Maar ik heb veel voldoening van de gezellige sfeer, de genietende kinderen. Ik vind het fijn om mijn passie voor lezen op deze manier te kunnen doorgeven.

Marina Waterschoot

HET LEZERSCOLLECTIEF IN DE LERARENOPLEIDING OP CAMPUS WAAS

Het studentenleven in een lerarenopleiding lager onderwijs is hectisch: lessen volgen, (groeps)taken maken, studeren voor basiskennistoetsen, bijeenkomsten met en voorbereidingen voor de leergemeenschappen in een “echte” school, lesvoorbereidingen uitwerken …

Een mens zou er zijn hoofd bij verliezen.

Toch is er een manier om even tot stilstand te komen, innerlijke rust te (her)ontdekken, kennis te maken met literaire teksten en vrij te praten over teksten of ervaringen te delen.

Geïnteresseerde studenten gaan tijdens de samen-leessessies van Het Lezerscollectief in op het aanbod om over de middag in het vaklokaal taal samen boterhammen te eten en tegelijk te luisteren, mee te lezen en te praten over de teksten die ik voorlees. De tijd staat even stil. De studenten genieten en laten de rest voortrazen.

Eerst was het onwennig: ik stopte zomaar met voorlezen en liet een stilte vallen! Gaandeweg was de stilte geen bedreiging meer maar een adempauze, een moment om met elkaar te delen wat de tekst teweegbracht, een moment om te ontdekken dat het ‘klikte’ met iedereen van de groep. De middagpauze duurt drie kwartier en soms vinden studenten het moeilijk om zich te laten grijpen door de korte teksten.

Gaandeweg heb ik een aantal teksten gevonden die passen: lang genoeg om erin te kunnen duiken en kort genoeg om genoeg pauzes te laten vallen en rust te scheppen.

Na de tekst volgt een gedicht. Dat gedicht sluit soms duidelijk aan bij de tekst, soms is het een uitdaging raakpunten te vinden maar de studenten vinden er altijd en geregeld volgt een gesprek zonder dat ik nog dien aan te porren met een vraag.

Tijdens de examentijd en stageperiodes liggen de samen-leessessies stil. Ik hoop echter dat de studenten na verloop van tijd toch tijd zullen vrijmaken omdat ze de rust van het samen-lezen kunnen ‘gebruiken’.

 

Hilde Van den Bossche

HOGE VERWACHTINGEN SCHEPPEN HOGE RESULTATEN

Zo ook in ons eigen werk bij het Lezerscollectief. We geloven in de kracht van mensen en de kracht die er vanuit sterke verhalen uitgaat. We verlaten de stereotyperingen. Niets is wat het lijkt.

Tussen de vele kunstwerken die een lezende persoon afbeelden, vond ik één van fotograaf Eve Arnold.  ‘Marilyn leest Ulysses’. Arnold speelt met het feit dat we snel een beeld van iemand vormen, een oordeel ook. Heeft de blonde seksicoon van de twintigste eeuw, Ulysses van James Joyce, het cultuuricoon werkelijk gelezen??? En kan dat wel? Is zij wel tot zoiets in staat? Inderdaad: zoiets past toch niet in het plaatje van het domme blondje. Het plaatje van glitter en glamour past toch niet bij het plaatje van de ‘intellectueel’?

In het boek ‘Vrouwen die lezen zijn gevaarlijk’ (Stefan Bollmann- Mercatorfonds 2006) las ik zelfs dat professor literatuur Richard Brown 30 jaar na het maken van het beeld de fotografe contacteerde om haar te vragen of Marilyn het boek werkelijk las of er enkel mee poseerde. Eve Arnold antwoordde dat toen ze Marilyn ontmoette, zij in het boek aan het lezen was en haar vertelde dat ze de tekst hardop las om hem beter te kunnen verstaan. Ze hield erg veel van de toon van het werk.

Mooi toch?

Dirk Terryn

Citaat van de maand: December

De mooiste emotie die we kunnen ervaren is het mysterie. Het is de fundamentele gemoedsgesteldheid die aan de basis ligt van alle echte kunst en wetenschap. Wie dit gevoel niet kent, wie zich niet kan verwonderen en in vervoering raken, is zo goed als dood. Zijn ogen zijn uitgedoofd.

– Albert Einstein

SAMEN LEZEN IN DE BIBLIOTHEEK VAN BELLINGEN

Ann Vandamme (bibliotheek van Bellingen) vroeg het Lezerscollectief om met jongeren van Huize Ter Loo het boek BLACK samen te lezen. Leesbegeleider Eliane De Moor nam de uitdaging aan…

BLACK

Dat is de huidskleur van Marie Evelyne. Ze is 16 jaar, woont met haar ouders in Brussel en gaat er naar school. Tot op een dag haar neef David voorstelt om een veel opwindender leven te gaan leiden bij de jongerenbende The Black Bronx. Voor Marie Evelyne betekent haar zwarte huid dat ze nooit de kansen zal krijgen waar ze op hoopt. Ze besluit haar saaie leventje vaarwel te zeggen en als Mavela het straatleven van The Black Bronx te delen.

De huidskleur van de Marokkaan Marwan is een toontje lichter maar ook hij voelt de ongelijkheid. Hij heeft zich aangesloten bij de 1080ers die op hun beurt in Brussel hun macht willen tonen en manieren zoeken om te overleven.

Mavela en Marwan ontmoeten elkaar voor het eerst op het politiebureau. Het is het begin van wat een onmogelijke liefde lijkt.

Dirk Bracke heeft hun verhaal in het boek BLACK opgeschreven.

Adil El Harbi en Bilall Fallah hebben er een film van gemaakt waarin ook het vervolgboek BACK is verwerkt.

De Openbare Bibliotheek van Bellingen nodigde jongeren uit Huize Ter Loo uit om het boek van Dirk Bracke samen met Eliane van het Lezerscollectief te lezen en erover te praten. Dat ging door op 4 woensdagnamiddagen in een lokaal van de Bibliotheek van Bellingen. Een hapje en een drankje zorgden voor een aangename sfeer. De gesprekken waren boeiend en met de jongeren die het veelal in moeilijke situaties moeten zien te redden werd het SAMEN LEZEN een intense ervaring

De apotheose en de beloning voor hun trouwe aanwezigheid was de voorstelling van de film in De Meent in Alsemberg waarbij actrices Martha Canga en regisseur Bilall Fallah aanwezig waren om met iedereen in gesprek te gaan. Een fijne avond waar iedereen van heeft genoten. 

Als je iets in een boek leest moet je eerst zelf een manier vinden om daar mee om te gaan. Je moet een beeld vormen of je eigen gevoelens een plaats geven.

In een verfilmd boek heeft iemand dat voor jou gedaan. Je kan altijd afstand nemen en zeggen ‘Och, het is toch maar film’.

Een Samenlezer 

Eliane De Moor

LEESCAFE BIJ BESCHUT WONEN VELZEKE

Na afloop van een kunstenproject dat zeer positief verliep, leefde bij Beschut Wonen de vraag om verder samen te werken met Vormingplus, maar andere aspecten van kunstbeoefening te verkennen die wellicht ook andere deelnemers zouden aanspreken.

Vormingplus ging hier graag op in met de organisatie van een ‘Leescafé’. We kozen voor deze naam om het informele karakter en de gelijkwaardigheid van deelnemers (en begeleider) te benadrukken. Van bij het begin was het de bedoeling de groep in een veilige, vertrouwde omgeving te laten kennismaken met de methode, om nadien in een minder bekende omgeving en uitgebreid met nieuwe deelnemers verder te gaan. Na een proefsessie in de lokalen van Beschut Wonen, waren er voldoende kandidaten om van start te gaan.

De eerste bijeenkomsten vonden afwisselend plaats op dinsdag en vrijdag, op zoek naar de meest geschikte dag. We startten op vrijdag 4 maart 2016.

De plek waar we samenkomen is ‘De Villa’, een huis waar verschillende ex-psychiatrische patiënten samenwonen in Velzeke. Het is er huiselijk en gezellig en makkelijk bereikbaar voor de deelnemers. Er wordt elke keer voor koffie en een hapje gezorgd.

Nadeel van de plek: er lopen mensen binnen en buiten, er wordt aangebeld, gepraat in de keuken. Van de bewoners deed er elke keer minstens één iemand mee, soms meerdere mensen. Het was moeilijk voor de bewoners om zich te concentreren op het hier en nu.

Ondanks aandringen van de begeleiders van Beschut Wonen bleven sommige verantwoordelijken tijdens het leescafé mensen storen met vragen of opdrachten.

Na een paar bijeenkomsten bracht ik muziek mee om vooraf te laten horen. Het bracht sfeer en het was voor de andere bewoners een teken dat er een Leescafé ging plaatsvinden.

Op de eerste bijeenkomst waren enkele mensen uit het psychiatrische ziekenhuis aanwezig, samen met een begeleidster. Hoewel deze deelnemers wel aandachtig luisterden naar de teksten, verliep de bespreking met hen zeer moeilijk. Hun tussenkomsten gingen telkens over henzelf en hun problematiek, het verband met de tekst ging totaal verloren.

Voor de deelnemers van Beschut Wonen werkte de aanwezigheid van mensen uit het ziekenhuis niet. Ze werden stil en verloren hun aandacht. Vanuit hun standpunt was dit ook weinig moedgevend; ze werden geconfronteerd met mensen die in hun integratie in de samenleving nog lang niet zo ver staan als zij.

In overleg met de begeleiders van Beschut Wonen werd afgesproken geen patiënten uit het ziekenhuis meer uit te nodigen.

De verdere bijeenkomsten verliepen positief tot zeer positief. Een wisselend aantal mensen met een ‘vaste’ kern van een viertal, bleef de sessies volgen.  Af en toe bleek de aandoening sterker dan de tekst, maar een begeleidster van BW die de deelnemers kent, kon dan ingrijpen.

De aanwezigheid van twee begeleiders van BW die aan de bijeenkomsten deelnemen, is interessant omdat er een gesprek ontstaat dat hen als mensen verbindt en niet langer enkel vanuit hun functie. Het aantal deelnemers varieert van 5 tot 12.

Na afloop van de reeks besloten we een Leescafé te starten in het Lokaal Dienstencentrum. Als drempellage voorziening voor mensen die overdag thuis zijn, is dit LDC immers ook op de kliënten van BW gericht. Tegelijkertijd gaf het de kans om de deelnemersgroep te verbreden.

In haar najaar vond een tweede reeks bijeenkomsten plaats in het LDC Egmont in Zottegem.Iedere keer namen er mensen van buiten BW deel. Maar omdat het LDC zelf nog maar sinds deze zomer open is, is er nog geen groot publiek gevormd. De deelnemers kwamen telkens af op de aankondiging in de Vormingplusbrochure.

Ook nu verlopen de bijeenkomsten gemoedelijk en gezellig. Het valt wel op dat de mensen van BW minder aan het woord komen dan de mondige deelnemers van daarbuiten. Door de soort vragen te variëren (vragen naar eigen ervaring, gevoel, reflectie, vergelijking met realiteit…) probeer ik mensen op andere manieren aan te spreken en iedereen aandacht te geven.

Sinds 15/11 loopt er vanuit UGent/Het Lezerscollectief een onderzoeksproject van 2 masterstudenten psychologie over het effect van het Leescafé op de deelnemers.

Een volgende reeks vindt vanaf januari 2017 plaats in de Stadsbibliotheek van Zottegem. De voorbereidende communicatie hieromtrent wordt hieronder weergegeven. Ze licht toe hoe de verschillende partners en deelnemers tegenover het vervolg van het project staan.

 

(Sonja Focketyn- Vorming Plus i.s.m. Het Lezerscollectief)

SAMEN LEZEN IN ZELZATE

Zaterdag 12 november 2016

Luk staat mij op te wachten in de hall. Hij wil graag weten of hij zijn boek nodig heeft. ‘Ja, deze keer wel.’ luidt mijn antwoord.

Marc is op weg naar zijn kamer, maar schuifelt terug als hij mij ziet.

We gaan samen naar het salon. Er is verder nog niemand van ‘de harde kern’ aanwezig. Ik klop aan bij Marc, hij zit naar gewoonte met koptelefoon op naar klassieke muziek te luisteren. Wanneer Marc en ik in het salon arriveren, zitten Rudy en Bernard naast Luk in de zetel te wachten. Ook Antonio is er, rustig kijkend in een tijdschrift.

Ik zet de televisie uit, we installeren ons en slaan ons boek open. Net voor we beginnen te lezen, wordt Romain door zijn echtgenote binnengereden.

Nu kunnen we écht van start gaan. We lezen de tekst ‘Prettig geregeld’ van Thomas Verbogt. De avond voordien had ik het verhaal herlezen. Bepaalde passages hadden  mij luidop doen lachen. Deze keer blijft het echter stil, op af en toe een licht gesnurk na van een bewoner die slapend aanwezig is. ‘Een mevrouw die er een beetje zelfgebreid uitziet’ hoe ziet die er dan uit? vraagt Romain zich af.  ‘ Het is toch wel een rare tekst,’ vindt Luk. ‘Dat hoofdpersonage doet zo raar.’

Ik ben wat verrast door zijn reactie. Vreemd genoeg ga ik er nog te vaak van uit dat wat ík ‘grappig’ of ‘ontroerend’ of…. vind, ook door anderen zo zal bevonden worden. Hij verrast mij ook door zijn eerlijkheid. Toen ik hier in december vorig jaar startte met voorlezen, werd alles wat we lazen ‘goed’ bevonden door de bewoners.

Daar is nu gelukkig verandering in gekomen.

We hebben het ook over welk lied we graag op onze begrafenis zouden laten horen. Romain moet er niet lang over nadenken: ‘Sofietje’ van Johny Lion. Hij begint voorzichtig te zingen en anderen vallen in ‘Zij dronk ranja met een rietje, mijn Sofietje, op een Amsterdams terras…’

Voor Eric mag het een fragment uit de Mattheuspassie zijn, zijn naamgenoot Erik hoopt op ‘My  way’ van Sinatra. ‘De mis in het Latijn, zoals in mijn kindertijd, dat zou ik graag hebben op mijn begrafenis.’ zegt Luk.

Het is ondertussen etenstijd. Ook hier merk ik verandering: de luisteraars/ medelezers waren aandachtig tot het einde van het verhaal. Vroeger keek wie de taak had de tafel te dekken angstvallig naar de klok, bang te laat in de eetzaal toe te komen. Misschien ben ik zelf ook rustiger geworden in het lezen?

We hebben helaas geen tijd meer voor een gedicht. Luk leent  mij  een boek van Gaston Durnez. Het leesmoment in dit Psychiatrisch Rusthuis wordt alsmaar meer een ‘samen lezen’. Dat doet goed.

 

Erika Schoonjans

 (Namen warden gewijzigd om privacyredenen)

NOOIT TE OUD OM TE LEZEN

Samen lezen in WZC Huize Stracke in Boechout

Samen verhalen en gedichten lezen verbindt mensen en maakt hen sterker en weerbaarder. Dat is de filosofie van Het Lezerscollectief, een netwerk van leesbe-geleiders in Vlaanderen en Brussel, dat leesbijeenkomsten organiseert voor mensen die moeilijk toegang hebben tot literatuur. Ook met het team van woonzorgcentrum Huize Stracke in Boechout organiseren ze regelmatig leessessies met de bewoners.

In hun aanpak staan verbondenheid en kwaliteit centraal.

Uit Brits onderzoek blijkt dat leesgroepen een positief effect hebben op senioren in woonzorgcentra. Samen lezen zorgt voor cognitieve stimulatie (87% verhoogde concentratie), het bevordert de sociale interactie (86%) en verhoogt de betrokkenheid (73%). Personeel van de bevraagde woonzorgcentra stelt een verbetering vast van de gemoedsgesteldheid en het concentratievermogen. Samen lezen is een beproefde methode die ook wetenschappelijk wordt gemonitord.

Het Lezerscollectief en samen lezen

Dirk Terryn, stichter van Het Lezerscollectief, deed inspiratie op bij de Britse Jane Davis en haar Reader Organisation. Twee jaar geleden richtte hij samen met Erik Van Acker en psychiater Jan Raes een eigen initiatief op, met als doel zoveel mogelijk mensen samen te brengen rond literatuur. Ze volgen daarbij de methode van Davis, met als basisprincipe dat een begeleider de teksten hardop voorleest en af en toe ruimte laat voor interactie rond ‘de beleving van de tekst’. “Deelnemers staan daardoor sterker in verbinding met het verhaal, ook omdat ze dat samen doen”, zegt Dirk Terryn. “Vaak helpt wat een ander erover zegt ook om die verbeeldings-wereld binnen te stappen, personages te leren kennen die wat vreemder of juist heel herkenbaar zijn en het deurtje van je herinneringen openzetten. Doordat de tekst hardop wordt voorgelezen, vertraag je het leesproces, speelt de mate van geletterdheid van je deelnemers geen rol en is het concentratievermogen ook minder een issue.” De leesbegeleider brengt de deelnemers samen en zet ook sterk in op de persoonlijke betrokkenheid. “In onze opleiding leren we de begeleiders nooit de verhalen te analyseren, maar in de tekst kapstokken te zoeken om het gesprek aan te gaan. We leren hen ook om de stilte te respecteren, want sommige mensen willen gewoon genieten en luisteren.”

“Tijdens de leessessies hoor je de anderen dingen zeggen of opmerken die je zelf in eerste instantie niet had gezien. Dat maakt het extra mooi.”

“Enkele bewoners hebben vroeger misschien veel gelezen en kunnen dat nu niet meer zelfstandig, maar herinneren het zich als een heel aangename activiteit en kunnen dat op die manier toch blijven doen. Anderen hebben misschien niet veel gelezen en ontdekken het toch nog op latere leeftijd. Je moet geen veellezer zijn om van samen lezen te genie-ten”, aldus Dirk Terryn. Hij ging een jaar geleden een gesprek aan met directeur Jean De Ruytter en dagelijks verantwoordelijke Ineke Jespers van Huize Stracke in Boechout. “We hebben vooraf gescreend voor welke bewoners Het Lezerscollectief een meerwaarde zou kunnen zijn”, vertelt Ineke Jespers. “Bewoners die slechtziend zijn en niet meer goed kunnen lezen of bewoners met beginnende dementie die het verhaal soms missen. We zien ook dat de bewoners die we bij andere activiteiten minder goed kunnen bereiken, zich hier in een kleinere groep beter kunnen uiten.”

De leesbegeleiders kiezen zelf welke verhalen ze voorlezen. Als medewerkster van het WZC ziet leesbegeleidster Sandra Poels welke invloed de gekozen teksten hebben op de bewoners. “Als je alleen een verhaal of gedicht leest, geef je enkel je eigen interpretatie. Tijdens de leessessies hoor je de anderen dingen zeggen of opmerken die je zelf in eerste instantie niet had gezien. Dat maakt het extra mooi.”

“Het loont om goed na te denken over welke plaats samen lezen krijgt in het activiteitenaanbod”, vult Dirk Terryn aan. “Ook de keuze om hiervoor een personeelslid in te zetten is weloverwogen. In sommige andere woonzorgcentra nemen vrijwilligers de leesbegeleiding op zich. Leesbegeleiders hebben allemaal een groot hart voor lezen: ze weten vaak zelf goed hoe krachtig verhalen kunnen zijn.”

De leesplek

Een van de vereisten voor een geslaagde leessessie is een aangename plek om te lezen. In Huize Stracke worden de bewoners ontvangen in een knusse ruimte, waar ze tijdens het lezen ook genieten van koffie in mooie kopjes met bijhorende koekjes. Om de veertien dagen komen ze samen in een groepje van maximaal tien personen.

Een netwerk van leesbegeleiders

Het Lezerscollectief verbindt intussen meer dan 50 geëngageerde leesbegeleiders in een netwerk. Vrijwilligers en personeelsleden die (twee)wekelijks leesgroepen begeleiden in woonzorgcentra, maar ook in bijvoorbeeld bibliotheken en gevangenissen. Ze volgen daarvoor een opleiding en krijgen naast veel inspiratie ook het kortverhalenboek Samen sterke verhalen vertellen mee. “Het boek is samengesteld door leesbegeleiders en de verhalen zijn eerst uitgeprobeerd in tal van groepen. We kiezen bewust voor kortverhalen”, licht Dirk Terryn toe. “Zo kan je per bijeenkomst een verhaal volledig afwerken. Afronden doen we met een gedicht.”

“Het is mooi om te zien hoe we vanuit een groeiend netwerk ook expertise verzamelen en de aanpak en het aanbod verder kunnen verfijnen.

Natuurlijk zijn er verhalen die iets meer doen bij senioren, bijvoorbeeld door sterke referenties naar de jeugd van de lezer, de opvoedingscontext, de schooltijd. In de toekomst willen we zeker ook onze leesbegeleiders in woonzorgcentra amenbrengen voor vorming en intervisies. Nu al kunnen ze ervaringen delen via onze website.”

“Een toepasselijk citaat is dat van Guus Kuijer uit Hoe word ik gelukkig (2009): ‘Het voordeel van boeken is dat je in korte tijd met honderden levens kunt meeleven. Je ontwikkeling gaat sneller dan wanneer je niet leest. Je komt in allerlei culturen terecht, in verschillende tijdperken en zelfs in het andere geslacht. Goede verhalen nestelen zich in je geheugen en gaan tot je eigen geschiedenis behoren.’

Het citaat van Kuijer lees je misschien anders vanuit de blik van senioren dan vanuit een opgroeiend kind. Het perspectief van een leven vol herinneringen tegenover een leven vol verwachtingen. Maar als lezers verbeelden we onze dezelfde honderden levens die we niet (helemaal) geleefd hebben of zullen leven. Verhalen lopen soms anders af dan wat we herinneren. Maar wat een schoonheid om dat samen te doen en soms ook iets van die betrokkenheid te delen.”

Wil jij ook starten met een leesgroep en een vrijwilliger opleiden? Meer informatie vind je op de website www.lezerscollectief.be. Meld je aan via info@lezerscollectief.be. (Dit artikel verscheen in december 2016 in Zorgwijzer 64)

Das ist was wir teilen

In Frankfurt naast Carsten Sommerfeldt op de foto, na de lezing over Het Lezerscollectief op de grootste boekenbeurs ter wereld. Das ist was wir teilen, de slogan van het Vlaams-Nederlands gastlandschap tusen ons in: Carsten is, samen met Thomas Böhm de initiatiefnemer van Shared Reading in het Duitse taalgebied.